Kennis over
het ontstaan en de oorzaken van CVS is gebrekkig, de klachten zijn
variabel en weinig specifiek. De diagnose wordt bepaald aan de hand van
de meest voorkomende ziektegevallen van CVS, een op consensus gebaseerde
omschrijving van de aandoening.
|
Diagnose
criteria: |
|
Minstens
6 maanden aanhoudende of steeds terugkerende vermoeidheid
waarvoor geen lichamelijke verklaring is gevonden en die: |
|
- Nieuw
is, dat wil zeggen: niet levenslang aanwezig |
|
- Niet
het gevolg is van voortdurende inspanning |
|
- Nauwelijks
verbetert met rust |
|
- Het
functioneren ernstig beperkt
|
|
In
combinatie met vier of meer van de volgende symptomen voorkomt,
gedurende zes maanden aanhoudend of regelmatig terugkerend en
die er niet waren voor de vermoeidheid begon. |
|
- Zelfgerapporteerde
verslechtering van geheugen of concentratievermogen |
|
- Keelpijn |
|
- Gevoelige
hals - of okselklieren |
|
- Spierpijn |
|
- Gewrichtspijnen |
|
- Hoofdpijn |
|
- Niet-
verfrissende slaap |
|
- Na
inspanning gevoel van uitputting (malaise) gedurende 24uur of
langer
|
|
Exclusiecriteria: |
|
- Een
andere aandoening of ziekte die de vermoeidheid (vermoedelijk)
verklaart, zoals bijvoorbeeld de ziekte van Pfeiffer
|
|
- Een
psychotische, ernstige of bipolaire depressie (maar niet een
ongecompliceerde depressie) |
|
- Dementie |
|
- Anorexia
of bulimia nervosa |
|
- Alcoholmisbruik
of het gebruik van drugs |
|
- Ernstig
overgewicht |